nieuws

  • Sneller bestuurlijke boete bij schending privacyregels


    Bij de Tweede Kamer is het wetsvoorstel Wijziging van Wet meldplicht datalekken ingediend. Een van de maatregelen in het wetsvoorstel is dat het College bescherming persoonsgegevens (Cbp) straks in meer gevallen een bestuurlijke boete kan opleggen aan overtreders van privacyregels.

    De maatregel vloeit voort uit het regeerakkoord en beoogt de bescherming van persoonsgegevens te verbeteren. Het Cbp mag nu alleen een bestuurlijke boete opleggen bij een overtreding van een administratief voorschrift, bijvoorbeeld de verplichting om de verwerking van persoonsgegevens te melden. Straks kan dat ook bij schending van meer algemene verplichtingen die de wet stelt aan gebruik en verwerking van persoonsgegevens. Bijvoorbeeld als persoonsgegevens niet op een behoorlijke en zorgvuldige manier zijn verwerkt of langer worden bewaard dan noodzakelijk is, maar ook als de beveiliging niet deugt, het beheer van persoonsgegevens slecht is georganiseerd of gevoelige informatie over burgers zoals hun politieke voorkeur of levensovertuiging is misbruikt. De bestuurlijke boete varieert van maximaal € 20.250 in de laagste categorie tot maximaal € 810.000 in de hoogste categorie. De hoogste boete is bedoeld om ook overtredingen aan te kunnen pakken die opzettelijk en herhaaldelijk worden gepleegd, vaak met grote maatschappelijke gevolgen, bijvoorbeeld bij handel in persoonsgegevens. Het Cbp zal overigens niet onmiddellijk een boete opleggen, maar eerst een zogeheten bindende aanwijzing geven. Dat is een op herstel gerichte, corrigerende maatregel. Wordt de aanwijzing niet binnen een bepaalde termijn uitgevoerd, dan volgt de boete. Tot slot krijgt het Cbp een nieuwe naam: Autoriteit persoonsgegevens. Die sluit meer aan bij Europese ontwikkelingen, in het bijzonder de nieuwe algemene verordening gegevensbescherming van de Europese Unie die in de loop van het volgend jaar wordt verwacht. Bron: Min V&J 24-11-2014

  • Belastingplan 2015 aangenomen door de Eerste Kamer


    De Eerste Kamer heeft op 16 december het Belastingplan 2015 aangenomen. Bij de behandeling van het Belastingdienst werd door senator Van Boxtel (D66) werd nog een motie ingediend om uiterlijk met Prinsjesdag 2015 een uitgewerkt voorstel voor de belastingherziening te presenteren. Deze motie werd aangenomen.

    De NOB heeft tijdens de behandeling van het Belastingplan 2015 in de Eerste Kamer op een aantal punten om duidelijkheid verzocht ten aanzien van de gebruikelijkloonregeling. Deze punten zijn uitgewerkt in de nota naar aanleiding van het verslag bij het Belastingplan 2015. Allereerst wil het NOB bevestigd zien dat alleen die gebruikelijkloonafspraken worden opgezegd die door de gewijzigde wetgeving worden geraakt. Hierop laat de staatssecretaris weten dat omdat alleen afspraken worden opgezegd waarbij het loon op een hoger bedrag dan € 44.000 was gesteld, uitsluitend die afspraken worden opgezegd waarbij vaststaat dat de doelmatigheidsmarge gebruikt is of had kunnen worden. Als uit de vaststellingsovereenkomst (de afspraak) blijkt dat bij het vaststellen van het loon niet de volledige doelmatigheidsmarge van 30% is toegepast, kunnen de opgezegde afspraken onder dezelfde voorwaarden worden voortgezet zonder het afgesproken loon te verhogen tot 75/70e daarvan. Voor zover dit van toepassing is, moet het in aanmerking te nemen loon wel gecorrigeerd worden naar een bedrag waarbij een doelmatigheidsmarge van maximaal 25% toegepast wordt. Verder vraagt de NOB of de 75/70-fictie ook toegepast kan worden indien geen sprake is van een afspraak. Dit is niet het geval. De 75/70-fictie is alleen van toepassing op inhoudingsplichtigen met opgezegde afspraken. Inhoudingsplichtigen zonder afspraak hadden ook voor 1 januari 2015 geen zekerheid, dus is er geen reden voor een overgangsregeling. De staatssecretaris bevestigt niet dat er geen plaats meer is voor de afroommethode. Hij geeft aan dat het belang van de afroommethode verder is afgenomen doordat er altijd een meest vergelijkbare dienstbetrekking is. Naar zijn mening heeft de afroommethode echter nog steeds betekenis. Er kunnen verschillen blijven bestaan tussen de meest vergelijkbare dienstbetrekking en de dienstbetrekking van de directeur-grootaandeelhouder. Hoe groter deze verschillen zijn, hoe meer de afroommethode als alternatief in beeld komt om vast te stellen wat een gebruikelijk loon is. De afroommethode kan bijvoorbeeld gebruikt worden in het overleg tussen de inhoudingsplichtige en de Belastingdienst om tot een afspraak over de hoogte van het loon te komen of dienen als controlemiddel voor beide partijen. Verder herhaalde de NOB haar eerdere pleidooi om de tijdelijk verhoogde schenkingsvrijstelling nog een, eventueel korte, periode in 2015 te laten gelden, om zo de boeterente die banken bij vervroegde aflossing doorgaans in rekening brengen, te matigen. De staatssecretaris blijft er echter bij dat de tijdelijk verruimde vrijstelling gedurende een termijn van 15 maanden geldt en dat de voorwaarden waaraan de vrijstelling gebonden is (waaronder besteding vóór de einddatum) vanaf het begin duidelijk geweest. Bron: EK 17-12-2014

  • Eindbod cao Groothandel in Groenten en fruit


    De onderhandelingen voor de cao Groothandel in Groeten en fruit zijn geëindigd met een eindbod van de werkgevers. De onderhandelingen waren voor de zomervakantie gestart, maar verliepen moeizaam. Na de zomer leken de onderhandelingen in een impasse te geraken.

    Belangrijke geschilpunten in de onderhandelingen waren het loonbod en de beloning van uitzendkrachten. In het eindbod voor een eenjarige cao (looptijd tot en met 30 juni 2015) bieden de werkgever nu een loonsverhoging van 2% per 1 februari 2015. Het aantal wachtdagen bij ziekte zal worden gemaximeerd op twee in plaats van vier en verder zeggen de werkgevers toe zich te zullen inspannen voor 100 arbeidsplaatsen voor arbeidsgehandicapten. Voor die doelgroep zal een aparte loonschaal worden ingevoerd (100%-120% van het minimumloon). Verder zijn in de cao afspraken gemaakt over de reparatie van het derde WW-jaar en enkele andere aanpassingen in het kader van de Wet werk en zekerheid. De leden van FNV Bondgenoten, CNV Dienstenbond en RMU Werknemers zullen zich nu moeten uitspreken over het eindbod. Bron: RMU, 15-12-2014

  • Aftoppingsgrens geldt per dienstbetrekking


    Staatssecretaris Wiebes heeft naar aanleiding van Kamervragen nogmaals benadrukt dat de aftoppingsgrens van € 100.000 per dienstbetrekking geldt. Alleen in bijzondere situaties kan het voorkomen dat bij een werknemer met meerdere deeltijddienstbetrekkingen de aftoppingsgrens hoger uitkomt dan € 100.000.

    De staatssecretaris gaf allereerst aan dat als een pensioenregeling voor 1 januari 2015 wordt voorgelegd aan de Belastingdienst, de wettelijke glijclausule uit de Wet LB in werking treedt voor wijzigingen die per 1 januari 2015 moeten ingaan. Volgens deze glijclausule kan de pensioenregeling worden ingevoerd en kan deze, na afstemming met de inspecteur, waar nodig met terugwerkende kracht worden aangepast. In de periode tussen de invoering en de aanpassing met terugwerkende kracht kan de regeling niet als fiscaal onzuiver worden aangemerkt. De glijclausule geldt niet voor pensioenregelingen die na 1 januari 2015 worden voorgelegd. Ten aanzien van de aftoppingsgrens geldt dat deze nadrukkelijk per dienstbetrekking geldt. Bij urenuitbreiding en een 40/38-regeling wordt de aftoppingsgrens strikt gehandhaafd. Wordt over een hoger loon pensioen toegezegd dan wordt de volledige pensioentoezegging onzuiver. De volledige aanspraak wordt dan in de heffing betrokken en bovendien is een revisierente van 20% verschuldigd. Bij deeltijddienstbetrekkingen wordt op basis van de deeltijdfactor bepaald of een pensioen boven de aftoppingsgrens uitkomt. Als men een dienstbetrekking met deeltijdfactor 0,8 (salaris € 80.000) heeft en een dienstbetrekking met een deeltijdfactor 0,2 (salaris € 50.000), dan bouwt de werknemer in de ene dienstbetrekking over 0,8 x € 100.000 = € 80.000 pensioen op en in de andere dienstbetrekking over 0,2 x € 100.000 = € 20.000. In dit voorbeeld bouwt de werknemer in totaal over € 100.000 fiscaal gefaciliteerd pensioen op. Aan de hand van een ander voorbeeld geeft de staatssecretaris aan dat de fiscaal gefaciliteerde pensioenopbouw soms hoger uit kan komen. Dit betreft een werknemer met twee dienstbetrekkingen: een met een deeltijdfactor 0,5 en een salaris van € 50.000 en de andere dienstbetrekking met een deeltijdfactor 0,6 en een salaris van € 60.000. De pensioenopbouw is dan over in totaal € 110.000 (eerste dienstbetrekking 0,5 x € 100.000; tweede dienstbetrekking 0,6 x € 100.000). De staatssecretaris merkt wel op dat het moet gaan om reële dienstbetrekkingen. Constructies gericht op het ontgaan van de aftoppingsgrens zullen worden bestreden. Verder is de staatssecretaris van mening dat de pensioenuitvoerders voldoende tijd hebben gehad om werkgevers te informeren over de aanpassingen. De wet is immers op 27 mei 2014 aangenomen door de Eerste Kamer. Bron: MvF 11-12-2014

  • Akkoord cao Beroepsgoederenvervoer


    De achterban van CNV Vakmensen heeft ingestemd met het eindbod voor de nieuwe cao Beroepsgoederenvervoer. Daarmee ligt er een akkoord voor de nieuwe cao. Het eindbod volgde na een langdurig onderhandelingsproces en acties in de sector. Uiteindelijk legde de werkgevers (TLN en VTT) een eindbod op tafel waar de achterban van CNV Vakmensen nu mee heeft ingestemd. Opmerkelijk was dat aan die stemming ook niet-leden konden deelnemen. De reactie van FNV Bondgenoten op het eindbod is nog niet bekend.

    De nieuwe cao heeft een looptijd van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2016. Per 1 januari 2015 gaan de lonen met 2,36% omhoog en op 1 januari 2016 met 2,75%. De belastingvrije onkostenvergoedingen gaan op 1 januari 2015 met 1,6% omhoog. Bron: CNV Vakmensen, 15-12-2014

  • Ketenaansprakelijkheid voor cao-loonbetaling


    Vlak voor het Kerstreces is bij de Tweede Kamer het wetsvoorstel Wet aanpak schijnconstructies (WAS) ingediend. Een belangrijk onderdeel van het wetsvoorstel is dat niet alleen de werkgever, maar straks ook de opdrachtgever aansprakelijk kan worden gesteld voor het betalen van het cao-loon. Onderbetaalde werknemers moeten hiermee meer mogelijkheden krijgen om achterstallig loon te innen.

    Minister Asscher kondigde dit wetsvoorstel al eind vorig jaar aan in een brief aan de Tweede Kamer en vlak voor het zomerreces 2014 werden de contouren van het wetsvoorstel bekend gemaakt, met de aankondiging dat het wetsvoorstel najaar 2014 zou worden ingediend. Op 12 december uiteindelik, na naar het schijnt veel discussie over het voorstel binnen de coalitie en na verwerking van de kritiek van de Raad van State, is het wetsvoorstel bij de Tweede Kamer ingediend. Minister Asscher plaatst het wetsvoorstel in het kader van de strijd tegen uitbuiting, verdringing en oneerlijke concurrentie op arbeidsvoorwaarden. De WAS moet constructies aanpakken die zijn opgezet om de regels en cao-afspraken te omzeilen. Bij deze zogenoemde schijnconstructies worden werknemers uit het buitenland goedkoop ingezet en worden Nederlandse werknemers vaak verdrongen. Een ander nadeel is dat werkgevers zo sociale premies ontwijken. Dergelijke constructies zijn ongewenst, maar waren tot nu toe nog niet altijd illegaal. Goedwillende ondernemers hebben daardoor te maken met oneerlijke concurrentie. Behalve een uitbreiding van de ketenaansprakelijkheid voor loonbetaling, regelt het wetsvoorstel dat werkgevers het volledige minimumloon moeten betalen, zonder een deel als onkostenvergoeding of het inhouden van bedragen. Ook moet minimaal het minimumloonbedrag via een overschrijving worden betaald; cash uitbetalen kan niet. Ook worden er meer eisen aan de loonstrook gesteld om een en ander voor de Inspectie SZW en de werknemer beter inzichtbaar te maken. Verder zal de Inspectie SZW voortaan de namen van geïnspecteerde bedrijven bekendmaken en wordt de gegevensuitwisseling met werkgevers- en werknemersorganisaties verbeterd. Dit moet bijdragen aan een verbeterde naleving van de cao-afspraken. De Raad van State heeft zich kritisch uitgelaten over het wetsvoorstel. Onder meer is gewezen op de beperkte onderbouwing van het probleem en de Raad twijfelt aan de effectiviteit van bijvoorbeeld de regeling voor ketenaansprakelijkheid. In het Nader rapport bij het wetsvoorstel erkent minister Asscher dat een exacte omvang van onderbetaling door schijnconstructies lastig te bepalen is, maar dat de ervaringen in de praktijk ( van de Inspectie SZW, werkgevers en werknemers) wel is dat misstanden door schijnconstructies zich in grote mate voordoen. Verder is naar aanleiding van het advies van de Raad van State in het wetsvoorstel concreter omschreven wat opdrachtgevers moeten doen om onderbetaling te voorkomen. Ook is het wetsvoorstel aangepast om werknemers voldoende mogelijkheden te bieden hun gelijk te halen. Een werknemer zal in eerste instantie de werkgever en diens opdrachtgever aansprakelijk moet stellen bij onderbetaling. Bij ernstige onderbetaling kan een werknemer na zes maanden de hoofdopdrachtgever aansprakelijk stellen. Bron: Min SZW 12-12-2014

  • Uitspraak proefprocedures crisisheffing


    In de reeks proefprocedures inzake de crisisheffing heeft Rechtbank Noord-Holland geoordeeld dat de pseudo-eindheffing hoog loon (crisisheffing) in strijd is met het Europees recht voor wat betreft incidentele loonbetalingen die voor 26 april 2012 zijn gedaan. Eerder was in een aantal andere procedures door rechters geoordeeld dat de crisisheffing niet strijdig is met het Europees recht.

    De zaak betreft een financiële holding die haar directeur-aandeelhouder in 2012 in februari een bonus over 2011 heeft betaald van € 612.155, regulier loon vóór 18 juli 2012 van € 239.298 en een regulier loon na 17 juli 2012 van € 177.017. De holding heeft het bedrag van de crisisheffing berekend over € 878.470 (€ 1.028.470 -/- € 150.000). De rechtbank is van mening dat de bonus niet meetelt voor de berekening van de grondslag van de crisisheffing. De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak van de Hoge Raad inzake de pseudo-eindheffing excessieve vertrekvergoedingen. Daarin is benoemd dat het Europees recht zich niet zonder meer verzet tegen wetswijzigingen waarbij voor de berekening van een belastingschuld gevolgen worden verbonden aan feiten die zich hebben voorgedaan voordat de inhoud van die wetswijziging kenbaar werd. Daarvan is alleen dan sprake als de invloed van dergelijke anterieure feiten ertoe leidt dat bij de belastingheffing geen 'fair balance' bestaat tussen de betrokken belangen. In het aangehaalde arrest van de Hoge Raad was de pseudo-eindheffing slechts verschuldigd in geval van een beëindiging van de dienstbetrekking na de inwerkingtreding van de pseudo-eindheffing. De Hoge Raad gaf aan dat de verschuldigdheid van die heffing daardoor mede afhankelijk is van een na die inwerkingtreding plaatsvindende gebeurtenis en dat de heffing zo bezien voorzienbaar was. De rechtbank oordeelt dat ten tijde van het betalen van de bonus geen sprake was van een wettelijke bepaling op grond waarvan de holding op de hoogte was van een hogere belastingverplichting dan die voortvloeide uit het bedrag dat zij kon inhouden op het aan die werknemer toekomende loon. Ook overigens was er geen reden te veronderstellen dat er materieel enige belastingverplichting zou ontstaan. Naar het oordeel van de rechtbank was dan ook ten tijde van de incidentele loonbetaling in februari 2012, ruim voor 26 april 2012, geen sprake van voorzienbaarheid met betrekking tot de crisisheffing en is er in zoverre sprake van het doorbreken van de 'fair balance'. Bron: Rb. Noord-Holland 4-12-2014

  • Denk aan verliesbeschikking


    Om in de aangifte Vpb verliezen met winsten te kunnen verrekenen, moeten deze verliezen bij beschikking zijn vastgesteld door de inspecteur. Is over een bepaald jaar geen verliesbeschikking afgegeven dan mag er niet verrekend worden.

    Een bv wordt op 31 augustus 1995 opgericht en op 7 september 1995 ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. De bv deponeert jaarlijks haar jaarrekeningen. Na oprichting heeft de bv aangifte kapitaalsbelasting gedaan, maar heeft zich niet gemeld als belastingplichtig lichaam voor de Vpb. Tussen 1995 en 1998 is de bv dan ook niet uitgenodigd om aangifte Vpb te doen, zijn geen aanslagen Vpb vastgesteld en zijn geen verliesbeschikkingen afgegeven. Na een verzoek om inlichtingen van de Belastingdienst in 2000, blijkt dat de bv belastingplichtig is voor de vennootschapsbelasting. Vanaf 1999 heeft de bv vervolgens aangifte Vpb gedaan. In de jaren 1999 tot en met 2007 heeft de bv jaarlijks verlies geleden. Deze verliezen zijn bij beschikking door de inspecteur vastgesteld. In 2008 haalt de bv een belastbare winst van € 433.738. De bv wil € 427.813 aan verliezen verrekenen. Op basis van de vastgestelde beschikkingen bedraagt het totale verlies echter € 168.637. Bij de rechtbank en vervolgens het hof blijkt dat de bv de verliezen uit de jaren 1995 tot en met 1998 ook wil verrekenen. Voor deze jaren is echter geen aangifte gedaan en zijn geen beschikkingen afgegeven. Volgens de rechtbank blijkt uit de wet dat verliezen, die in de boekjaren 1995 en later zijn geleden, uitsluitend met belastbare winsten van volgende jaren kunnen worden verrekend als het verlies door de inspecteur bij voor bezwaar vatbare beschikking is vastgesteld. Nu de verliezen over 1995 tot en met 1998 niet bij beschikking zijn vastgesteld, komen deze niet in aanmerking voor verrekening. Een beroep op schending van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur van de bv slaagt niet. Het hof is het eens met de uitspraak van de rechtbank en bevestigd deze. Bron: Hof Amsterdam 13-11-2014

  • Benelux: naar automatische erkenning diploma's


    De Benelux-landen zullen begin 2015 overgaan tot het automatisch erkennen van elkaars diploma's in het hoger onderwijs. Hiermee willen ze een belangrijk obstakel bij het werken over de grens wegwerken.

    Erkenning van een diploma in het buurland is nu nog vaak tijdrovend. De drie Benelux-landen gaan de komende maanden bekijken wat de mogelijkheden voor automatische erkenning zijn. Verder zal verkend worden of via proefprojecten tussen het onderwijs en het bedrijfsleven grensoverschrijdende stages in één of meerdere sectoren kunnen worden opgestart. Op dit moment is Nederland voorzitter van de Benelux Unie. Een van de prioriteiten van dit voorzitterschap is een betere uitwisseling van werknemers tussen de drie landen. Naast erkenning van diploma's willen de Benelux-landen de informatie aan grensarbeiders verbeteren. Om (potentiële) grensarbeiders in de Benelux te voorzien van up-to-date informatie wordt de digitale informatievoorziening uitgebreid. Het bestaande webportaal (http://startpuntgrensarbeid.benelux.int) zal worden uitgebouwd tussen België en Duitsland ((en België en Luxemburg)). De betrokken nationale en regionale overheidspartijen zullen op Benelux-niveau de dienstverlening aan grensarbeiders gaan afstemmen. Ook is afgesproken de gegevensverzameling voor grensoverschrijdende werkgelegenheid sterk te verbeteren. Er zijn momenteel weinig gegevens over grensoverschrijdende arbeidsmarkten en de nationale informatie is zelden goed vergelijkbaar. Bron: Min SZW, 11-12-2014

  • Versoepelde verblijfsregeling voor innovatieve ondernemers


    Met ingang van 1 januari wordt het eenvoudiger voor innovatieve startende ondernemers van buiten de EU/EER om zicht te vestigen in Nederland. De bestaande regelgeving wordt dan aangepast zodat zijn sneller en gemakkelijker een verblijfsvergunning krijgen.

    Ondernemers van buiten de EU/EER die een innovatieve onderneming in Nederland willen starten komen nu vaak niet in aanmerking voor de bestaande toelatingsregeling voor zelfstandigen (de zogenaamde zelfstandigenregeling) omdat zij noch een uitgewerkt ondernemingsplan hebben, noch beschikken over een startkapitaal. Met de inwerkingtreding van de aangepaste regeling kunnen zij in aanmerking komen voor een zogenaamde 'start-up' verblijfsvergunning voor maximaal één jaar. Na een jaar moeten ze dan voldoen aan de voorwaarden voor de huidige verblijfsvergunning voor arbeid als zelfstandige. Om in aanmerking te komen voor een 'start-up' verblijfsvergunning moet men wel aan een aantal voorwaarden voldoen: allereerst moet men een betrouwbare 'facilitator' hebben met een goede staat van dienst. Deze eis moet borgen dat de startende ondernemer deskundig wordt begeleid. Daarnaast moet de ondernemer aannemelijk maken waarom zijn product of dienst innovatief is. Dit wordt getoetst door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De IND zal hierbij adviseren. Verder moet het bedrijf ingeschreven staan in het Handelsregister en de ondernemer moet beschikken over duurzame en voldoende middelen van bestaan. Bron: Ondernemersplein

 

over ons

wij
begrijpen cijfers,
al ruim 25 jaar

Administratiekantoor Van Helden wil mensen helpen, door hen financieel inzicht en overzicht te bieden. Dat doen we door praktische overzichten te maken en door het administratieve proces zo efficiënt mogelijk in te richten. Maar ook door onze klanten persoonlijk te benaderen.
Onze producten en diensten sluiten daarop aan. Ons fonds steunt goede doelen en projecten die Utrecht een warm hart toedragen, zowel op sociaal als maatschappelijk gebied.

Onze visie
Van Helden bestaat al meer dan 25 jaar; een begrip in Utrecht en omgeving. Oprichter meneer Van Helden nam de tijd voor zijn klanten, zodat ze op maat advies kregen en inzicht en overzicht in hun eigen financiën. Dat is nog steeds de basis van ons bedrijf.

Wij zijn ‘de nieuwe helden’ van uw financiën. Wij hebben de overtuiging dat administratieve processen steeds makkelijker kunnen. Dat u gedeelten ook prima digitaal kunt aanleveren en daardoor ook steeds meer zelf inzicht krijgt in het proces en overzicht van uw financiën. Dat helpt u en uw bedrijf om betere strategische beslissingen te nemen.

We luisteren naar u, we denken met u mee en we zijn via diverse kanalen bereikbaar.

  • Menno den Oude


    Directeur Van Helden BV
    Voorzitter Van Helden fonds

    STUUR E-MAIL >

    “ Het administratieproces is maar een proces. Dat moet zo makkelijk en efficiënt mogelijk. Cijfers in een overzicht gaan pas echt leven. Dan zie je ondernemers opbloeien als ik het gesprek met ze aanga. Daar doe ik het voor.”
  • Jan Willem Brouwer


    Belastingadviseur
    gespecialiseerd in het kleinbedrijf
    (van ZZP-ers tot en met BV’s met holdingstructuren)

    STUUR E-MAIL >

    “Als ervaren adviseur help ik met veel plezier ondernemers en oud-ondernemers met hun jaarcijfers en belastingzaken. Diverse bedrijven heb ik in de loop der tijd zien opbloeien. Ik streef ernaar de klant hierbij bedrijfsmatig en fiscaal te begeleiden zonder de indruk te wekken op de ondernemersstoel plaats te nemen. Uiteindelijk blijft het een advies.”
  • Luc Limburg


    Administratieconsulent
    voornamelijk werkzaam bij cliënten op locatie om aldaar boekhoudingen te verzorgen

    STUUR E-MAIL >

    “Graag werk ik op locatie bij klanten omdat ik het liefst dicht bij de klant sta om zo goed mogelijk invulling te geven aan de opdracht. Ik werk vooral voor fondsenwervende instellingen en vermogensfondsen.”
  • Ilona Pieneman


    Secretarieel en administratief medewerker

    “Ik ben ooit als stagiaire begonnen en het beviel me hier zo, dat ik nooit meer ben weggegaan. Ik ga graag mee met de huidige ict-vernieuwingen. Zo heb ik een online dossier voor diverse relaties ingericht, zodat ze altijd hun laatste loonstrookjes en loonaangiften kunnen downloaden.”
 

diensten

wat wij voor u kunnen betekenen

We gaan ervoor om uw boekhouding, loonadministratie, jaarcijfers, fiscale aangiften deskundig en zo efficiënt mogelijk voor u te verzorgen tegen een aantrekkelijke prijs. Ondernemen is al duur genoeg.
Doet u een deel van uw boekhouding zelf? Dan helpen we u graag met onderdelen, zoals de jaarrekening en coachen we u als u tegen problemen aanloopt of vragen hebt.

boekhouding

jaarcijfers

salaris- administratie

aangiften

fiscaal advies

boekhouding;


We werken met Exact Online. U dient uw nota’s makkelijk digitaal in en ze worden automatisch verwerkt in een handig overzicht: de balans en de winst- en verliesrekening. Op elk moment heeft u online inzage in uw boekhouding. Heeft u daarover vragen? Dan nemen wij graag de cijfers met u door.

jaarcijfers;


Als u door ons de complete boekhouding laat verzorgen, dan stellen wij ook de jaarstukken op. Deze jaarstukken zijn weer de basis voor de belastingaangifte die we voor u doen en we leveren de stukken ook aan bij de Kamer van Koophandel. Hierbij zetten wij de automatisering optimaal in om zo efficiënt mogelijk te werken.

Doet u de administratie zelf? Dan vatten wij uw boekhouding samen, we rubriceren en analyseren de cijfers en verzorgen een overzichtelijke rapportage voor u.

salarisadministratie;


We voorzien uw personeel tijdig van loonstroken, we rekenen u de gevolgen van nieuw personeel voor, zodat u de werkgeverslasten en de loonbelastingaangiften kunt inschatten.
Dit proces gaat grotendeels digitaal via uw persoonlijke, digitale omgeving.

aangiften;


Van Helden doet de aangiften voor de omzetbelasting meestal per kwartaal, de aangifte loonbelasting maandelijks en de inkomstenbelasting jaarlijks. Voor een BV doen we jaarlijks de aangifte voor de vennootschapsbelasting.
Ons uitgangspunt is, dat belasting betalen nodig is om gemeenschappelijk kosten te delen, maar dan willen we wel graag dat dat op een eerlijke manier gebeurt en verdeeld wordt.
Wij zullen de fiscale ruimte die er is, dan ook benutten en zo nodig met de belastingdienst de discussie aangaan als er onterecht wordt afgeweken van onze aangifte.

fiscaal advies;


Ondernemers kunnen bij ons ook terecht voor fiscaal advies, daarvoor is het niet nodig dat wij ook uw boekhouding of jaarstukken verzorgen. Wij zien het als onze taak om u zo goed mogelijk te adviseren als we bij uw boekhouding fiscale aspecten tegenkomen.

Mocht u fiscale vragen hebben, dan beantwoorden we die graag. Binnenkort kunt u kiezen uit verschillende abonnementsvormen wat betreft fiscaal advies en fiscale begeleiding.

 

van helden fonds

Van Helden fonds: wat wij teruggeven

 

vraag & antwoord

wat is uw vraag?

1

hoe gaat Van Helden in de praktijk te werk?

We maken met u een afspraak bij ons op kantoor of bij u. We hechten eraan dat er een klik is tussen adviseur en klant. Zijn we het eens over het werk en de kosten? Dan maken we vervolgafspraken over oa. de frequentie van rapportages en deadlines van de belastingen.

2

waar kan ik inloggen om mijn cijfers in te voeren?

Dat kan hier: Exact Online

Let op:
U bent altijd zelf verantwoordelijk voor de belastingaangifte. Ook als deze door uw boekhouder is verzorgd en daarin fouten zijn gemaakt.

3

wie is er aansprakelijk voor de aangifte?

Het is onze taak de aangifte deskundig en zorgvuldig te behandelen.
De klant blijft altijd inhoudelijk verantwoordelijk voor zijn of haar belastingaangifte.

4

wat kan ik zelf aan de administratie doen?

U kunt uw hele administratie zelf doen in een eigen boekhoudpakket en ook gebruik maken van Exact Online. Daar kunt u ook facturen aanmaken die direct in de boekhouding worden gezet. Dat bespaart u invoerkosten.

5

met welke boekhoud- pakketten werken jullie?

We werken met King en Exact Online. Daar werken we al heel lang mee. Dit is een degelijk pakket waarop de boekhouding op professionele wijze kan worden gevoerd. Het werkt snel, geeft goed overzicht en financieel inzicht.

6

werkt Van Helden ook samen met derden?

Ons kantoor werkt samen met kleine en grote accountantsbureaus waar het gaat om accountantsverklaringen of complexere fiscale vraagstukken.

7

wat kost het om jullie in te huren?

* Kleine administratie inclusief aangifte btw: vanaf € 50 pm
* Loonadministratie: vanaf € 20 pm
* Jaarrekening of jaarstukken belastingdienst: vanaf € 500 pj
* Belastingaangifte ondernemer: vanaf € 175

8

zijn er minder kosten bij meer diensten?

Bij een combinatie van onze diensten kunnen we efficiënter werken, zodat onze totaalprijs vanaf € 100 per maand kan worden aangeboden.
Dat hangt vooral af van de hoeveelheid en aard van de mutaties in de boekhouding.

9

wanneer moeten mijn aangiften zijn ingediend?

De maand na elk kwartaal moet de aangifte omzetbelasting zijn ingediend en betaald, uiterlijk voor 1 april. Aangiften vennootschapsbelasting uiterlijk voor 1 juni het jaar erop. Als belastingconsulent hebben we de mogelijkheid om gespreid de aangiftes in te dienen.

10

..of
stel
zelf een
vraag

 
 

contact

u vindt ons in utrecht

 

Van Helden B.V.
Othellodreef 45
3561 GS Utrecht

030 262 56 90
info@vanheldenbv.nl

volg ons:

contactformulier

nieuwsbrief ontvangen?

download algemene voorwaarden © van Helden b.v. 2014