nieuws

  • Integratiebedrijf ten onrechte ingedeeld als uitzendonderneming


    In welke sector een werkgever is ingedeeld, is van groot belang, vooral vanwege de verschillen in de premies voor de werknemersverzekeringen tussen de verschillende sectoren. Een onderneming die uitsluitend ten behoeve van een gemeente personeelsdiensten verricht is volgens Hof Den Haag ten onrechte ingedeeld in sector 52 (uitzendondernemingen).

    Een vennootschap houdt zich sinds haar oprichting in 1996 bezig met het ter beschikking stellen van personeel aan, met een gemeente als haar enige opdrachtgever. De vennootschap neemt alleen personen in dienst die door die gemeente zijn uitgezocht. In het bijzonder gaat het hierbij om personen met een 'afstand tot de arbeidsmarkt'. De vennootschap was altijd ingedeeld in sector 45, Zakelijke dienstverlening III, maar in 2013 ontstaat er discussie met de inspecteur over de indeling. In een brief schrijft de inspecteur dat de indeling in sector 45 niet meer juist. De inspecteur overweegt indeling in sector 66 (Overheid, overige instellingen), maar uiteindelijk wordt de vennootschap bij beschikking van 11 december 2013 met ingang van 1 januari 2014 ingedeeld in sector 52 (Uitzendbedrijven). Tegen die beschikking gaat de vennootschap in beroep. In welke sector een werkgever wordt ingedeeld is afhankelijk van de werkzaamheden. Wel kent de Regeling Wfsv een aansluitregeling op grond waarvan juridisch zelfstandige bedrijven of instellingen die tot een economische of organisatorische eenheid behoren de inspecteur kunnen vragen om een beschikking dat zij aangesloten zijn bij dezelfde sector. Volgens de Regeling Wfsv (Bijlage I) gaat het bij uitzendbedrijven (sector 52) om werkgevers die op basis van een uitzendovereenkomst arbeidskrachten ter beschikking stellen, mits door die arbeidskrachten geen werkzaamheden worden verricht die 'sec functioneel bezien' voor meer dan 50% van het totale premieplichtige loon op jaarbasis aan één sector kunnen worden toegerekend. De vennootschap meent dat zij in dezelfde sector moet worden ingedeeld als de gemeente (sector 64), of eventueel in sector 66 omdat zij uitsluitend werkzaamheden voor de gemeente uitvoert. Hof Den Haag beslist dat het bedrijf in dezelfde sector moet worden ingedeeld als de gemeente (sector 64). Daarbij neemt het hof in aanmerking dat de vennootschap zich uitsluitend bezighoudt met het ter beschikking stellen van personeel aan de gemeente, dit personeel gemeentelijke taken uitvoert en ook op de specifieke behoeften van de gemeente is afgestemd, waardoor het personeel in feite op één lijn is te stellen met gemeentelijk personeel. Het ligt daarom in de rede de vennootschap, gelet op haar werkzaamheden en maatschappelijke functie, ook onder toepassing van de aansluitingsregeling, in dezelfde sector in te delen als de gemeente. Bron: Hof Den Haag 17-10-2014

  • Verbreding en vergroting aanbod MKB-financiering


    Nieuwe aanbieders die geld willen lenen aan het MKB, kunnen vanaf donderdag 30 oktober 2014 meedingen naar een nieuwe overheidsgarantie. Het ministerie van Economische Zaken stelt maximaal € 400 miljoen garantie beschikbaar voor meer én nieuwe vormen van krediet voor mkb'ers. De aanpak is nieuw, want tot nu toe gaf de overheid alleen garanties op de financiering die direct aan bedrijven in plaats van aan financiers werd verstrekt.

    Volgens minister Kamp van Economische Zaken is er een grote behoefte aan nieuwe financieringsmogelijkheden voor het MKB. Met de garantie wil hij nieuwe aanbieders van MKB-kredieten helpen om makkelijker de markt te betreden. Goede nieuwe initiatieven die voldoen aan de voorwaarden, kunnen in aanmerking komen voor een overheidsgarantie van maximaal 80%. Een garantie helpt nieuwe partijen om de markt te betreden. Zonder garantie zullen ze moeilijk tot niet aan financiering komen. Beleggers investeren niet snel in initiatieven zonder track record of internationale benchmark. Deze garantie biedt nieuwe initiatieven de mogelijkheid een track record op te bouwen, terwijl het risico beperkt blijft. Partijen hebben vanaf 30 oktober acht weken de tijd om hun voorstellen in te dienen. Een commissie van externe experts zal de minister adviseren. Verwacht wordt dat de eerste financieringsvoorstellen al in 2015 tot resultaat leiden. Bron: Min EZ, 30-10-2014

  • Eerste cao-afspraak over transitievergoeding


    Met de inwerkingtreding van de wet Werk en zekerheid worden de mogelijkheden om in de cao afwijkende afspraken te maken beperkt, dit betreft met name de afspraken ten aanzien van de ketenregeling en oproepcontracten. Op een aantal andere terreinen kunnen echter wel in een cao afspraken worden opgenomen. Bij het Rotterdamse havenbedrijf EMO werd onlangs een eerste cao-afspraak over de transitievergoeding gemaakt.

    De Wet werk en zekerheid beperkt de mogelijkheden om in de cao af te wijken van de wettelijke ketenregeling (vanaf 1 juli 2015 maximaal drie tijdelijke arbeidsoveenkomsten met een maximale contractduur van 24 maanden). In tegenstelling tot thans zijn hier wel voorwaarden aan verbonden (in geval van een uitzendovereenkomst of uit de overeenkomst/regeling moet blijken dat de aard van de werkzaamheden een verlenging noodzakelijk maken). Ook is hieraan een duidelijk plafond verbonden (maximaal 48 maanden/6 overeenkomsten). Maar op andere onderwerpen biedt de Wet werk en zekerheid mogelijkheden om in een cao nadere afspraken te maken. Dit betreft onder mee de transitievergoeding, scholing, ontslagprocedure en het derde WW-jaar. In een aantal principeakkoorden voor nieuwe cao's dit jaar zijn al (protocol)afspraken opgenomen over de reparatie van het derde WW-jaar. Vaak betreft dit de afspraak dat partijen met elkaar in overleg gaan over de financiering van het derde WW-jaar, waarbij het SER-advies over de nieuwe WW en eventueel aanvullende bemerkingen van de Stichting van de Arbeid als uitgangspunt zullen worden genomen. Doel is te komen tot een private verzekering van het derde WW-jaar waarmee de huidige hoogte en duur van de uitkering kan worden gehandhaafd. Het Rotterdamse ertsoverslagbedrijf beet onlangs de spits af met een eerste afspraak over de transitievergoeding die een werknemer krijgt bij ontslag. De werkgever kan daar op in mindering brengen de zogenoemde transitie- en inzetbaarheidskosten, waaronder onder bepaalde voorwaarden kosten voor scholing. Bij het Rotterdamse overslagbedrijf hebben de cao-partijen in het principeakkoord voor de nieuwe cao nadrukkelijk afgesproken dat de kosten voor scholing niet in mindering komen op de transitievergoeding. Bron: Caoweb, 28-10-2014

  • Aftrekbare kosten oppasopa?


    Een opa die de opvang van zijn kleinkinderen verzorgde, wilde met die opvang samenhangende kosten in mindering brengen in zijn aangifte. Daar hij niet kan bewijzen dat de kosten daadwerkelijk zijn gemaakt en ook niet kan aangeven waar de kosten betrekking op hebben, wordt de aftrek niet verleend.

    Een opa heeft in zijn aangifte IB 2010 een bruto resultaat aan overige werkzaamheden aangegeven van € 23.400. Dit resultaat heeft hij behaald met zijn werkzaamheden als gastouder/oppasopa van zijn twee kleinkinderen. Op dit resultaat heeft hij een bedrag van € 21.450 aan kosten in mindering gebracht. Tussen opa en schoonzoon is een overeenkomst opgesteld. Hieruit blijkt dat opa vanaf 1 januari 2010 tot en met december 2010 een bedrag van € 1.787,50 per maand betaalt aan zijn schoonzoon. Hiervoor staat hem altijd een auto ter beschikking voor het halen en brengen van de kinderen tijdens de opvang en krijgt hij een mobiele telefoon die uitsluitend gebruikt wordt voor de communicatie over opvang van de kinderen. Alle kosten die voortvloeien uit de opvang van de kinderen worden door zijn schoonzoon betaald. De speciale ruimte die is ingericht voor de opvang mag opa het gehele jaar gebruiken. Met deze overeenkomst dekt opa zich volledig in tegen de kosten die met de opvang te maken hebben. De inspecteur heeft de aftrek van de kosten niet geaccepteerd. Volgens de rechtbank rust op opa de bewijslast om aannemelijk te maken dat de door hem opgevoerde kosten een zakelijk karakter hebben. Hierin is opa niet geslaagd. Een overeengekomen vergoeding van € 1.787,50 per maand voor het gebruik van een auto, mobiele telefoon, eten, drinken en eventuele andere bijkomende kosten die met de opvang samenhangen ontbeert realiteitsgehalte. Een dergelijke overeenkomst zou tussen onafhankelijke derden niet tot stand zijn gekomen. Volgens de rechtbank moet dan ook aangenomen worden dat de betalingen om andere redenen zijn gedaan zodat de kosten terecht niet in aftrek zijn toegelaten. Nu de inspecteur een bedrag aan kosten van € 2.400 aannemelijk acht, sluit de rechtbank hierbij aan en is het netto resultaat uit overige werkzaamheden vast te stellen op € 21.000. Het hof vindt ook dat een redelijke verdeling van de bewijslast met zich meebrengt dat opa, die de kosten in zijn aangifte in aftrek wil brengen, moet bewijzen dat de kosten daadwerkelijk en voor dat doel zijn gemaakt. Opa heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij daadwerkelijk iedere maand een bedrag van € 1.787,50 aan zijn schoonzoon heeft betaald. Het blijkt niet uit de opnames van zijn bankrekening en op de kwitanties die zijn overlegd ontbreekt de datum. Doordat er voor maart 2010 twee kwitanties zijn, ieder met een ander nummer, bestaat het vermoeden dat de kwitanties achteraf zijn opgemaakt. Ook is niet aannemelijk gemaakt dat de betalingen zijn gedaan ter vergoeding van aftrekbare kosten. De kosten zijn dan ook niet aftrekbaar. Bron: Hof Den Haag 14-10-2014

  • Bestuurders niet in dienstbetrekking


    Volgens Rechtbank Noord-Holland heeft de inspecteur ten onrechte de verhouding tussen twee bestuurders/aandeelhouders en hun vennootschap aangemerkt als een dienstbetrekking. Volgens de rechtbank was er sprake van nevengeschikte statutair bestuurders. In navolging van de Hoge Raad kijkt de rechtbank hierbij niet naar de verdeling van het aandelenbezit onder alle aandeelhouders, maar alleen naar de verdeling onder de bestuurders.

    Twee statutair bestuurders hebben ieder indirect via hun houdstermaatschappij 40% van de aandelen in een vennootschap, een expeditiebedrijf, waarvan zij bestuurder zijn. Sinds 11 september 2008 bezit een derde de resterende 20% van de aandelen, daarvoor hadden de beide bestuurders ieder 50%. Volgens de inspecteur staan de beide bestuurders sinds 11 september 2008 tot de vennootschap in dienstbetrekking. Aan de vennootschap worden naheffingsaanslagen opgelegd voor de verschuldigde premies werknemersverzekeringen. Rechtbank Noord-Holland geeft aan dat sprake is van een privaatrechtelijke dienstbetrekking als de rechtsverhouding tussen de betrokken partijen een arbeidsovereenkomst is in de zin van het Burgerlijk Wetboek. De arbeidsovereenkomst tussen een bv en haar directeur wordt bij wijze van uitzondering niet als dienstbetrekking aangemerkt indien sprake is van een directeur-grootaandeelhouder. In de Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder (Regeling dga) zijn regels gegeven om te bepalen wat onder directeur-grootaandeelhouder moet worden verstaan. Leidt geen van die regels tot de slotsom dat de betrokkene directeur-grootaandeelhouder is, dan is er geen ruimte om hem desondanks niet als werknemer aan te merken wegens het ontbreken van een materiële gezagsverhouding. Op grond van één van de regels worden als dga aangemerkt de bestuurders die in de algemene vergadering van de vennootschap allen een gelijk of nagenoeg gelijk aantal stemmen kunnen uitbrengen (nevengeschiktheid). In de toelichting op deze bepaling is opgenomen dat de bepaling ziet op dga's van een vennootschap die nevengeschikt zijn ten opzichte van elkaar, bijvoorbeeld vier bestuurders die elk 25% van de aandelen houden. Onder verwijzing naar een recente uitspraak van de Hoge Raad geeft de rechtbank aan dat de Regeling dga dient te worden uitgelegd naar de bewoordingen en de systematiek van de bepalingen van de Regeling dga zelf. Uit de Regeling dga en de toelichting daarop vloeit voort, dat de bestuurders als dga's dienen te worden aangemerkt. Zij zijn immers statutair bestuurder van de vennootschap en zij kunnen - middels hun persoonlijke houdstervennootschappen - met ieder 40% een gelijk aantal stemmen in de algemene vergadering van aandeelhouders uitbrengen. Het feit dat een derde naast de beide aandeelhouders nog 20% van de stemmen kan uitbrengen, doet daar niet aan af. Bron: Rb. Noord-Holland 16-10-2014

  • 'Misstanden bij steigerbouwers'


    Volgens FNV Bouw wordt de cao in de sector steigerbouw structureel overtreden. Volgens de bond schieten grote opdrachtgevers als Shell en de NAM tekort bij de controle op de aannemers en onderaannemers in hun keten. Dit levert hen grote besparingen op.

    De bond komt tot de conclusie na een uitgebreid nalevingsonderzoek van de FNV.Uit doorrekeningen van de FNV zou blijken dat Shell mogelijk 2,5 ton tot ruim 6 ton op loonkosten heeft bespaard tijdens een recente onderhoudsstop in Pernis, uitgaande van een groep van 400 uitzendkrachten. In de gehele sector verdwijnt er mogelijk 33 miljoen euro in totaal, of 11.000 euro per uitzendkracht door het gebruik van schijnconstructies. Het FNV-onderzoek vond plaats van mei tot en met oktober 2014 op twee bouwplaatsen. Uit de controle van loonstroken is gebleken dat er bij de uitzendkrachten ten onrechte geen rekening wordt gehouden met ADV-dagen. Ook constateerde de FNV dat reisuren (het heen en weer rijden van huis naar een steeds wisselende werkplek) ten onrechte niet worden vergoed aan uitzendkrachten. Ook worden steigerbouwers met jaren werkervaring niet als vakkracht worden erkend en daardoor te laag beloond. Volgens de FNV wordt tussen de € 1,31 en € 3,20 per uur te weinig betaald. In de steigerbouw zijn naar schatting zo'n 60 uitzendbureaus actief, waarvan de 16 grootste uitzenders 80% van de markt in handen hebben. Het personeel betrekken ze in toenemende mate uit het buitenland. Bron: FNV Bouw, 28-10-2014

  • Gerichte controles in de bouw


    De Inspectie SZW gaat vanaf 3 november a.s. gericht controleren op bouwlocaties op blootstelling aan kwartsstof door bouwvakkers. Gerichte controles vorig jaar hebben gezorgd voor een snelstijgende aanschaf van adequate apparatuur waarmee blootstelling aan kwartsstof wordt voorkomen. De komende inspecties zullen uitwijzen of de apparatuur nog steeds wordt gebruikt en of op niet eerder bezochte locaties de apparatuur nu ook wordt gebruikt.

    De stof die vrijkomt bij het bewerken van steen en beton, kwartsstof, kan levensgevaarlijk zijn. Kwartsstof is kankerverwekkend en kan naast longkanker ook andere longaandoeningen veroorzaken. Duizenden bouwvakkers worden dagelijks blootgesteld aan kwartsstof, bijvoorbeeld bij boren, zagen en schuren in beton. In 2013 zijn verschillende acties ondernomen om werknemers beter te beschermen tegen kwartsstof. Organisaties als Arbouw en TNO hebben de ondernemers voorgelicht. De Inspectie SZW heeft in het najaar van 2013 een controle gehouden om na te gaan of werknemers voldoende tegen kwartsstof worden beschermd. Bij meer dan de helft van de 441 controles is toen handhavend opgetreden. In totaal zijn er 297 overtredingen geconstateerd. In 68 gevallen is het werk stilgelegd en 23 maal is een boete aangezegd. De inspecteurs kijken vooral naar de toepassing van bronmaatregelen op de apparatuur, zoals afzuiging en verneveling op het handgereedschap. De boete voor het overschrijden van de grenswaarde kan oplopen tot € 18.000. De inspecties nu zijn een vervolg op de actie in 2013. Toen bleek dat goede apparatuur onvoldoende bleek te worden gebruikt. Bedrijven waar vorig jaar overtredingen zijn geconstateerd en die weer in de fout gaan, kunnen rekenen op verdubbeling van het boetebedrag. Er worden ook locaties bezocht waar de inspectie niet eerder op kwartsstof heeft gecontroleerd. Bron: Inspectie SZW 22-10-2014

  • Verzekering moet bijtellingsschade vergoeden


    Moet men door een aanrijding overstappen op een nieuwe leaseauto, maar met dezelfde CO2-uitstoot. En komt men, doordat ondertussen het tarief is veranderd, hierdoor in een hogere bijtelling, moet de verzekering die schade dan vergoeden? Nee, zegt de verzekeraar. De kantonrechter te Amsterdam was het hier niet mee eens.

    De bijtelling voor de auto van de zaak is behalve van de CO2-uitstoot, ook afhankelijk van de datum van eerste tenaamstelling. Het bijtellingspercentage geldt dan in principe voor 60 maanden vanaf de eerste dag van de maand na de eerste tenaamstelling. De CO2-grenzen en het bijbehorende bijtellingspercentage wijzigen echter in de loop van de tijd. Wie halverwege die 60-maandenperiode noodgedwongen op een andere auto moet overstappen, maar met de zelfde CO2-uitstoot, kan daardoor 'bijtellingsschade' oplopen. Dit overkwam de berijder van een Mitsubishi Outlander. De eerste tenaamstelling van de Mitsubishi was in november 2013, waardoor de berijder gedurende zijn vijfjarige leaseperiode 0% bijtelling zou hebben. In maart 2014 krijgt de man echter een aanrijding, waarbij zijn auto als verloren moet worden beschouwd. Geen nood, bij de leasemaatschappij staat een nieuwe Mitsubishi Outlander voor hem klaar, met dezelfde specificaties. Echter, doordat de eerste tenaamstelling van deze auto na 1 januari 2014 ligt, bedraagt de bijtelling nu 7%. En dat voor de resterende looptijd van het leasecontract. De man berekent de schade op ruim € 14.400 voor de resterende looptijd. Volgens de verzekeraar van de tegenpartij komt de bijtelling echter niet voor vergoeding in aanmerking: het betreft zuivere vermogensschade waarvoor de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM) geen dekking biedt. Ook komt de schade voort uit een verandering in de belastingwetgeving en dat levert, volgens de verzekeraar, een te ver verwijderd causaal verband op met de aanrijding. De kantonrechter volgt de verzekeraar niet in zijn redenatie. Weliswaar betreft het zuivere vermogensschade, maar dat betekent nog niet dat de schade niet voor vergoeding in aanmerking komt. Maar uit de WAM (art. 3 lid 1 en 5) volgt dat de schade moet worden vergoed, mits er een voldoende causaal verband is tussen de schade en de aanrijding. Hierover oordeelt de kantonrechter dat bij een verkeersgeval er geen aanleiding is om al te gauw een te verwijderd causaal verband tussen gebeurtenis en schade aan te nemen. Dat in geval van total loss een nieuwe auto moest worden aangeschaft is normaal en dus voorzienbaar. En daar de overheid het gebruik van bepaalde auto's wil stimuleren en daarbij, vanwege het grote aantal leaseauto's en het succes van de regeling, haar regelingen wijzigt, is het ook voorzienbaar dat bij een total loss de fiscale bijtelling als bijkomstige schade wordt opgevoerd. Dit soort schade kan daarom als gevolg van de gebeurtenis worden toegerekend (zolang de benadeelde partij blijft leasen onder het 5-jarig contract). Bron: Rb. Amsterdam 18-09-2014

  • Minimumloon per 1 januari 2015


    Houdt u er rekening mee dat per 1 januari 2015 het minimumloon weer wordt aangepast. Op 23 oktober zijn de nieuwe bedragen per 1 januari aanstaande in de Staatscourant gepubliceerd.

    Ditmaal is de verhoging 0,44%. Het wettelijk minimumloon voor werknemers van 23 jaar en ouder bij een volledig dienstverband bedraagt per 1 januari 2015 per maand € 1.501,80. Per week bedraagt het wettelijk minimumloon per 1 januari 2015 € 346,55 en per dag € 69,31. Het minimumjeugdloon is van deze bedragen afgeleid volgens een staffelingspercentage variërend van 85% voor een 22-jarige tot 30% voor een 15-jarige. De minimumjeugdlonen worden dus ook per 1 januari 2015 aangepast. Een landelijk wettelijk minimumuurloon kent de wet niet. Het uurloon kan per sector verschillen, afhankelijk van het aantal uren dat als normale arbeidsduur geldt. Onder normale arbeidsduur wordt verstaan de arbeidsduur die in de desbetreffende sector is afgesproken voor een volledige dienstbetrekking. In de meeste cao's is deze arbeidsduur voor een fulltime dienstverband gesteld op 36, 38 dan wel 40 uur per week. U vindt het voor uw bedrijf geldende uurloon door het minimumloon per week te delen door de normale arbeidsduur per week voor uw bedrijf. Min SZW 14-10-2014, 2014-0000146254 (Stcrt 2014, 29850)

  • Aanscherping bijtelling in 2016 - zeer zuinige auto's blijven gestimuleerd


    De bestaande CO2-grenzen in de BPM en voor de bijtelling worden in 2016 aangescherpt, daarnaast zullen zeer zuinige auto's gestimuleerd. Dit stelt staatssecretaris Wiebes voor in de Tweede nota van wijziging op het Belastingplan 2015. De wijzigingen zijn nodig omdat met het uitstel van de Autobrief 2.0 onduidelijk is geworden wat met de autoregelingen gaat gebeuren die eind 2015 aflopen.

    Zoals de staatsecretaris in zijn brief van 16 oktober 2014 al heeft aangegeven, wordt 2016 een overgangsjaar. Wel zijn er maatregelen nodig. Eind 2015 loopt namelijk een aantal autoregelingen af. Zo eindigt de jaarlijkse aanscherping van de CO2-grenzen, terwijl de technologische ontwikkeling op dat vlak doorgaat. Hiervoor is een correctie (aanscherping) nodig. Ook stopt de fiscale stimulering van de (zeer) zuinige auto van de zaak, terwijl juist in het SER-energieakkoord is afgesproken dat in de periode tot en met 2018 ultrazuinige auto's fiscaal zullen worden gestimuleerd. Zonder aanpassingen zouden met ingang van 1 januari 2016 de 4%- en 7%-bijtellingscategorieën en de 14%-bijtellingscategorie van de Wet inkomstenbelasting 2001 en de Wet op de loonbelasting 1964 komen te vervallen. Ook zou de vrijstelling voor auto's met een CO2-uitstoot van maximaal 50 gr/km in de MRB komen te vervallen. In de nota van wijziging stelt de staatssecretaris daarom de volgende maatregelen voor: BPM - aanscherping CO2-grenzen MRB: in 2016 een half tarief voor auto's met een CO2-uitstoot van niet hoger dan 50 gr/km (thans kennen deze auto’s nog een vrijstelling die echter per 1 januari 2016 zou komen te vervallen); de bestaande correctie voor elektrische auto's in verband met het accupakket (125 kg) blijft gehandhaafd Bijtelling: voor nulemissie (elektrische) auto's blijft de bijtelling in 2016 7% (in plaats van naar 14%). Thans geldt er voor deze categorie een bijtelling van 7%; de overige bijtellingscategorieën worden aangescherpt: CO2-uitstoot tot en met 50 gr/km: 14% CO2-uitstoot van 51 tot en met 79 gr/km: 20% CO2-uitstoot van 80 gr/km of meer: 25%. Bron: MvF 23-10-2014

 

over ons

wij
begrijpen cijfers,
al ruim 25 jaar

Administratiekantoor Van Helden wil mensen helpen, door hen financieel inzicht en overzicht te bieden. Dat doen we door praktische overzichten te maken en door het administratieve proces zo efficiënt mogelijk in te richten. Maar ook door onze klanten persoonlijk te benaderen.
Onze producten en diensten sluiten daarop aan. Ons fonds steunt goede doelen en projecten die Utrecht een warm hart toedragen, zowel op sociaal als maatschappelijk gebied.

Onze visie
Van Helden bestaat al meer dan 25 jaar; een begrip in Utrecht en omgeving. Oprichter meneer Van Helden nam de tijd voor zijn klanten, zodat ze op maat advies kregen en inzicht en overzicht in hun eigen financiën. Dat is nog steeds de basis van ons bedrijf.

Wij zijn ‘de nieuwe helden’ van uw financiën. Wij hebben de overtuiging dat administratieve processen steeds makkelijker kunnen. Dat u gedeelten ook prima digitaal kunt aanleveren en daardoor ook steeds meer zelf inzicht krijgt in het proces en overzicht van uw financiën. Dat helpt u en uw bedrijf om betere strategische beslissingen te nemen.

We luisteren naar u, we denken met u mee en we zijn via diverse kanalen bereikbaar.

  • Menno den Oude


    Directeur Van Helden BV
    Voorzitter Van Helden fonds

    STUUR E-MAIL >

    “ Het administratieproces is maar een proces. Dat moet zo makkelijk en efficiënt mogelijk. Cijfers in een overzicht gaan pas echt leven. Dan zie je ondernemers opbloeien als ik het gesprek met ze aanga. Daar doe ik het voor.”
  • Jan Willem Brouwer


    Belastingadviseur
    gespecialiseerd in het kleinbedrijf
    (van ZZP-ers tot en met BV’s met holdingstructuren)

    STUUR E-MAIL >

    “Als ervaren adviseur help ik met veel plezier ondernemers en oud-ondernemers met hun jaarcijfers en belastingzaken. Diverse bedrijven heb ik in de loop der tijd zien opbloeien. Ik streef ernaar de klant hierbij bedrijfsmatig en fiscaal te begeleiden zonder de indruk te wekken op de ondernemersstoel plaats te nemen. Uiteindelijk blijft het een advies.”
  • Luc Limburg


    Administratieconsulent
    voornamelijk werkzaam bij cliënten op locatie om aldaar boekhoudingen te verzorgen

    STUUR E-MAIL >

    “Graag werk ik op locatie bij klanten omdat ik het liefst dicht bij de klant sta om zo goed mogelijk invulling te geven aan de opdracht. Ik werk vooral voor fondsenwervende instellingen en vermogensfondsen.”
  • Ilona Pieneman


    Secretarieel en administratief medewerker

    “Ik ben ooit als stagiaire begonnen en het beviel me hier zo, dat ik nooit meer ben weggegaan. Ik ga graag mee met de huidige ict-vernieuwingen. Zo heb ik een online dossier voor diverse relaties ingericht, zodat ze altijd hun laatste loonstrookjes en loonaangiften kunnen downloaden.”
 

diensten

wat wij voor u kunnen betekenen

We gaan ervoor om uw boekhouding, loonadministratie, jaarcijfers, fiscale aangiften deskundig en zo efficiënt mogelijk voor u te verzorgen tegen een aantrekkelijke prijs. Ondernemen is al duur genoeg.
Doet u een deel van uw boekhouding zelf? Dan helpen we u graag met onderdelen, zoals de jaarrekening en coachen we u als u tegen problemen aanloopt of vragen hebt.

boekhouding

jaarcijfers

salaris- administratie

aangiften

fiscaal advies

boekhouding;


We werken met Exact Online. U dient uw nota’s makkelijk digitaal in en ze worden automatisch verwerkt in een handig overzicht: de balans en de winst- en verliesrekening. Op elk moment heeft u online inzage in uw boekhouding. Heeft u daarover vragen? Dan nemen wij graag de cijfers met u door.

jaarcijfers;


Als u door ons de complete boekhouding laat verzorgen, dan stellen wij ook de jaarstukken op. Deze jaarstukken zijn weer de basis voor de belastingaangifte die we voor u doen en we leveren de stukken ook aan bij de Kamer van Koophandel. Hierbij zetten wij de automatisering optimaal in om zo efficiënt mogelijk te werken.

Doet u de administratie zelf? Dan vatten wij uw boekhouding samen, we rubriceren en analyseren de cijfers en verzorgen een overzichtelijke rapportage voor u.

salarisadministratie;


We voorzien uw personeel tijdig van loonstroken, we rekenen u de gevolgen van nieuw personeel voor, zodat u de werkgeverslasten en de loonbelastingaangiften kunt inschatten.
Dit proces gaat grotendeels digitaal via uw persoonlijke, digitale omgeving.

aangiften;


Van Helden doet de aangiften voor de omzetbelasting meestal per kwartaal, de aangifte loonbelasting maandelijks en de inkomstenbelasting jaarlijks. Voor een BV doen we jaarlijks de aangifte voor de vennootschapsbelasting.
Ons uitgangspunt is, dat belasting betalen nodig is om gemeenschappelijk kosten te delen, maar dan willen we wel graag dat dat op een eerlijke manier gebeurt en verdeeld wordt.
Wij zullen de fiscale ruimte die er is, dan ook benutten en zo nodig met de belastingdienst de discussie aangaan als er onterecht wordt afgeweken van onze aangifte.

fiscaal advies;


Ondernemers kunnen bij ons ook terecht voor fiscaal advies, daarvoor is het niet nodig dat wij ook uw boekhouding of jaarstukken verzorgen. Wij zien het als onze taak om u zo goed mogelijk te adviseren als we bij uw boekhouding fiscale aspecten tegenkomen.

Mocht u fiscale vragen hebben, dan beantwoorden we die graag. Binnenkort kunt u kiezen uit verschillende abonnementsvormen wat betreft fiscaal advies en fiscale begeleiding.

 

van helden fonds

Van Helden fonds: wat wij teruggeven

 

vraag & antwoord

wat is uw vraag?

1

hoe gaat Van Helden in de praktijk te werk?

We maken met u een afspraak bij ons op kantoor of bij u. We hechten eraan dat er een klik is tussen adviseur en klant. Zijn we het eens over het werk en de kosten? Dan maken we vervolgafspraken over oa. de frequentie van rapportages en deadlines van de belastingen.

2

waar kan ik inloggen om mijn cijfers in te voeren?

Dat kan hier: Exact Online

Let op:
U bent altijd zelf verantwoordelijk voor de belastingaangifte. Ook als deze door uw boekhouder is verzorgd en daarin fouten zijn gemaakt.

3

wie is er aansprakelijk voor de aangifte?

Het is onze taak de aangifte deskundig en zorgvuldig te behandelen.
De klant blijft altijd inhoudelijk verantwoordelijk voor zijn of haar belastingaangifte.

4

wat kan ik zelf aan de administratie doen?

U kunt uw hele administratie zelf doen in een eigen boekhoudpakket en ook gebruik maken van Exact Online. Daar kunt u ook facturen aanmaken die direct in de boekhouding worden gezet. Dat bespaart u invoerkosten.

5

met welke boekhoud- pakketten werken jullie?

We werken met King en Exact Online. Daar werken we al heel lang mee. Dit is een degelijk pakket waarop de boekhouding op professionele wijze kan worden gevoerd. Het werkt snel, geeft goed overzicht en financieel inzicht.

6

werkt Van Helden ook samen met derden?

Ons kantoor werkt samen met kleine en grote accountantsbureaus waar het gaat om accountantsverklaringen of complexere fiscale vraagstukken.

7

wat kost het om jullie in te huren?

* Kleine administratie inclusief aangifte btw: vanaf € 50 pm
* Loonadministratie: vanaf € 20 pm
* Jaarrekening of jaarstukken belastingdienst: vanaf € 500 pj
* Belastingaangifte ondernemer: vanaf € 175

8

zijn er minder kosten bij meer diensten?

Bij een combinatie van onze diensten kunnen we efficiënter werken, zodat onze totaalprijs vanaf € 100 per maand kan worden aangeboden.
Dat hangt vooral af van de hoeveelheid en aard van de mutaties in de boekhouding.

9

wanneer moeten mijn aangiften zijn ingediend?

De maand na elk kwartaal moet de aangifte omzetbelasting zijn ingediend en betaald, uiterlijk voor 1 april. Aangiften vennootschapsbelasting uiterlijk voor 1 juni het jaar erop. Als belastingconsulent hebben we de mogelijkheid om gespreid de aangiftes in te dienen.

10

..of
stel
zelf een
vraag

 
 

contact

u vindt ons in utrecht

 

Van Helden B.V.
Othellodreef 45
3561 GS Utrecht

030 262 56 90
info@vanheldenbv.nl

volg ons:

contactformulier

nieuwsbrief ontvangen?

download algemene voorwaarden © van Helden b.v. 2014