nieuws

  • Vergoeding bij valse ontslagreden


    Als hulpmiddel voor het bereken van de schade voor een werknemer bij ontslag bestaat al enige tijd de site Hoelangwerkloos.nl. Die site helpt te bepalen wat de verwachte werkloosheidsduur is voor een werknemer en dus de schade als gevolg van loonderving. Vooral bij kennelijk onredelijk ontslag is de daadwerkelijke schade van belang voor het bepalen van de vergoeding. De kantonrechter te Maastricht gaf onlangs in een kennelijk-onredelijkontslagzaak aan dat een berekening van de vergoeding met behulp van deze tool niet voor de hand lag.

    De zaak betrof een dierenartsassistente die was ontslagen om bedrijfseconomische redenen. Een van de medewerkster stelde dat er sprake was van kennelijk onredelijk ontslag en stelde een vordering in van € 24.000, waarvan € 14.000 vanwege (afgerond) 30% loonderving over 350 dagen verwachte werkloosheid en € 10.000 vanwege gederfde levensvreugde. Voor de berekening van de loondervingschade had ze gebruik gemaakt van de door de Universiteit van Amsterdam ontwikkelde tool hoelangwerkloos.nl. De werkgever had aangegeven dat de praktijk geen behoefte meer had aan assistentie. Nadat UWV Werkbedrijf de vergunningen had verleend en de dierenartsassistentes waren ontslagen nam de praktijk wel een hondentrimster in dienst, waarvan - zo oordeelde de kantonrechter - het onwaarschijnlijk was dat ze ook niet voor een deel de taken van de dierenartsassistentes overnam. Als daarmee al niet de ontbindende voorwaarde waaronder het UWV toestemming voor het ontslag had verleend, in vervulling gegaan is, dan is volgens de kantonrechter op zijn minst sprake van een vorm van valsheid in de redengeving van de opzegging, namelijk op het punt dat in het geheel geen werk voor een dierenassistente in de kliniek. In een dergelijk geval gaat het dan volgens de kantonrechter niet om het berekenen van de financiële schade aan de hand van de tool Hoelangwerkloos.nl, maar ligt het meer voor de hand om aansluiting te zoeken bij de methodiek die de kantonrechtersformule kent. Gezien het aantal dienstjaren en de leeftijd van de werkneemster komt de kantonrechter al op een bedrag hoger dan de gevorderde € 24.000, zonder nog rekening te houden met een eventuele bijstelling van de C-factor naar boven. De kantonrechter concludeert daarom tot toewijzing van het volledige primair gevorderde bedrag en gaat voorbij aan het beroep van de werkgever op financieel onvermogen. Bron: Ktr. Maastricht (ktr.) 6-08-2014

  • Let op met tewerkstelling buitenlandse studenten


    Wie buitenlandse studenten in dienst neemt, moet er rekening mee houden dat voor studenten uit landen buiten de EER en Zwitserland beperkingen gelden. Met een geldige verblijfsvergunning voor studie mogen zij maar beperkt werken. Laat men hen langer werken, dan loopt men het risico van een boete. De Inspectie SZW controleerde het afgelopen jaar ruim 168 werkgevers en in de helft van de gevallen werd een overtreding geconstateerd.

    Een buitenlandse student met een verblijfsvergunning voor een studie mag in Nederland maximaal tien uur per week werken. Gedurende de maanden juni, juli en augustus mogen zij 40 uur per week werken. Hierbij gaat het om studenten die komen uit een land buiten de EER en Zwitserland, of uit Bulgarije of Roemenië (voor deze twee landen gold dit tot 1 januari 2014). De werkgever moet dan wel over een tewerkstellingsvergunning beschikken. De Inspectie heeft gericht bij bepaalde bedrijven geïnspecteerd, vooral bij bedrijven in de horeca, de detailhandel en de uitzendsector. De controles waren gericht op overtredingen van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) en de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML). Bij die controles maakte de Inspectie onder meer gebruik van gegevens van de IND en UWV WERKbedrijf. Bij de controles werden 83 studenten aangetroffen die zonder tewerkstellingsvergunning werkten, dan wel meer uren werkten dan is toegestaan. In ruim 35% van de gevallen betrof het studenten met de Chinese nationaliteit. De Inspectie SZW heeft 75 boeterapporten opgemaakt, waarbij het totaal van opgelegde boetebedragen ruim € 900.000 bedraagt. Bron: Inspectie SZW 25-08-2014

  • Digitaal deponeren jaarrekening straks verplicht?


    Minister Kamp van Economische Zaken wil dat bedrijven vanaf 2017 hun jaarrekening elektronisch deponeren bij de Kamer van Koophandel. Een conceptwetsvoorstel is ter consultatie voorgelegd waarin dit is opgenomen. Nu kunnen ondernemers nog kiezen voor een papieren of een digitale versie van de jaarrekening.

    Vorig jaar deponeerde slechts 4% van de bedrijven hun gegevens digitaal via Standard Business Reporting (SBR). De minister wil dat deze standaard straks voor de meeste bedrijven verplicht is. De Belastingdienst hanteert deze standaard al langer. Volgens de minster biedt digitalisering grote voordelen, zoals minder administratieve lasten. Maar stimuleren en ondersteunen van vrijwillig gebruik van SBR heeft totnogtoe niet het gewenste effect gehad. Leveranciers van financiële software wachten af met erin te investeren omdat het onzeker is dat ondernemers die software wel grootschalig zullen afnemen. De minister wil daarom overgaan tot een verplichtstelling. Voor kleine bedrijven blijft er als alternatief voor SBR de mogelijkheid om gebruik te maken van de online service van de Kamer van Koophandel. Zij hoeven daarvoor dus geen nieuwe administratiesoftware aan te schaffen. De minster verwacht dat de ruim 800.000 deponeringsplichtige bedrijven met SBR in totaal € 8,4 miljoen administratieve lasten per jaar kunnen besparen vanaf 2017. De investeringen zullen met name moeten worden gedaan doord de financiële intermediairs. Ook zullen zij door het digitaal aanleveren een deel van hun omzet missen. Geïnteresseerden kunnen via de site www.internetconsultatie.nl nog tot 5 september reageren op het conceptwetsvoorstel. Bron: Internetconsultatie.nl, 23-07-2014

  • Geen levensvatbaar bedrijf, geen bbz


    Zelfstandigen kunnen een beroep doen op financiële bijstand van hun gemeente op grond van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004. Daarvoor gelden wel enkele voorwaarden, waaronder, afhankelijk van de situatie, de levensvatbaarheid van het bedrijf.

    Een zelfstandige exploiteert een taxibedrijf. Vanaf 2005 vraagt hij een aantal maal een uitkering ingevolge het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) aan. De eerste aanvraag in 2005, met het oog op de exploitatie van een taxibedrijf, wordt afgewezen, omdat het bedrijf niet levensvatbaar wordt geacht. In 2007 krijgt hij wel bijstand in de vorm van een geldlening. In juli van dat jaar start hij met het taxibedrijf. In 2009 krijgt hij weer een lening op grond van het Bbz 2004 na een ongeluk met zijn taxi. Oktober 2011 doet hij weer een nieuwe aanvraag, die echter wordt afgewezen. De gemeente heeft een bedrijfsconsultancy firma om advies gevraagd over de aanvraag. Dit consultancybureau komt tot de conclusie dat het bedrijf niet levensvatbaar is. Volgens dit bureau komen de tegenvallende bedrijfsresultaten door onvoldoende commerciële en financiële ondernemerscapaciteiten, hevige concurrentie en een bedreigende marktsituatie. De ondernemer onderneemt te weinig actie om de bedrijfsresultaten te verbeteren en zijn houding is te afwachtend. Volgens de bedrijfsadviseurs zal omzetstijging uitblijven met als gevolg een negatieve aflossingscapaciteit voor de komende drie jaar. De ondernemer voert nog aan dat door rugklachten de omzet is achtergebleven, maar dat is voor het bureau geen aanleiding het advies te wijzigen. Een vervolgonderzoek naar het verband tussen de omzet en de gewerkte uren wijst uit dat het aantal uren dat de ondernemer beschikbaar is voor zijn werk niet de belangrijkste oorzaak is voor de verslechterde financiële positie. Ook de rechtbank en vervolgens de Centrale Raad van Beroep (CRvB) komen tot de conclusie dat het bedrijf niet levensvatbaar is en de Bbz-uitkering daarom terecht is afgewezen. De CRvB overweegt dat op grond van het Bbz 2004 het bedrijf (of zelfstandig beroep) waaruit de zelfstandige na bijstandsverlening een inkomen zal verwerven toereikend moet zijn om het bedrijf voort te zetten en in het bestaan te voorzien. En daarnaast moet het inkomen toereikend zijn om alle aflossingsverplichtingen te voldoen. Het adviesbureau had de omzetprognose voor de komende drie jaren (na december 2011) vastgesteld op € 11.800, respectievelijk € 12.300 en € 13.000, terwijl minimaal een omzet van € 35.700 nodig was om aan alle zakelijke en privéverplichtingen te kunnen voldoen. Duidelijk is gemaakt dat de oorzaak van de problemen niet is gelegen in het aantal beschikbare uren. En de ondernemer zelf heeft niet aannemelijk gemaakt, bijvoorbeeld door een deskundig tegenadvies, dat dit anders is. Bron: CRvB 19-08-2014

  • Belastingdienst mag klantgegevens SMSParking gebruiken


    De Belastingdienst mag van Hof Den Bosch de klantgegevens van het bedrijf SMS Parking gebruiken. Vorig jaar had de kortgedingrechter nog bepaald dat het bedrijf geen gegevens over zijn klantenpakket hoefde te overleggen aan de Belastingdienst. Hof Den Bosch is echter een andere mening toegedaan.

    De Belastingdienst wil de parkeergegevens (kenteken, datum, plaats (locatie) en tijd) over 2012 gebruiken ten behoeve van de motorrijtuigenbelasting, de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 (BPM), de belasting zware motorrijtuigen, de inkomstenbelasting, de loonbelasting, de vennootschapsbelasting en de omzetbelasting. De parkeergegevens zullen op basis van kentekeninformatie worden gefilterd op fiscale relevantie. Alleen voor wat betreft gegevens die hits op leveren zal worden over gegaan tot identificatie en deze zullen verder worden onderzocht. Alle niet-relevante gegevens worden direct na filtering vernietigd. Een hit betekent dat de diensten van SMSParking ergens in Nederland kunnen worden gekoppeld aan een voertuig dat in de bestanden bij de fiscus staat geregistreerd als een voertuig dat uitsluitend voor zakelijke doeleinden wordt gebruikt, dan wel als een voertuig met een geschorst kenteken of een voertuig dat zich in de bedrijfsvoorraad van autohandelaren bevindt. Volgens het hof blijkt uit de jurisprudentie van de Hoge Raad niet dat het opvragen van gegevens bij een administratieplichtige inbreuk maakt op de privacy. Daarbij maakt het niet uit dat het om een aanzienlijke omvang van de verzochte gegevens gaat en dat deze gegevens in een omvangrijk databestand staan. Vaststaat dat het gaat om een controle die wordt uitgeoefend op een voorraad zakelijk gebruikte auto's van ongeveer 2,5 miljoen, ongeveer 150.000 voertuigen met een geschorst kenteken en ongeveer 600.000 auto's in voorraad bij dealers, afgezet tegen een aantal van ongeveer 9 miljoen geregistreerde auto's. Naar het oordeel van het hof is het inzetten van dit fiscale controlemiddel voor de grote hoeveelheid voertuigen die zich in dit kader daartoe lenen alleszins proportioneel te achten. Het doel is immers de controle op een gedraging (het gebruik van een auto) die fiscaal van belang kan zijn, waarbij niet de opsporing van strafbare feiten voorop staat en daar ook niet haar rechtvaardiging aan ontleent. Bovendien staat op voorhand voldoende vast dat de parkeergegevens van andere voertuigen, die niet vallen binnen de hiervoor genoemde categorieën, dadelijk nadat een eerste controle op basis van die categorieën heeft plaatsgevonden, door de Belastingdienst worden vernietigd. Kortom, SMSParking heeft geen gerechtvaardigd belang om de afgifte van de gevraagde gegevens te weigeren. Bron: Hof Den Bosch 19-08-2014

  • Seponeren strafzaak geen reden om loonvordering toe te kennen


    Een werknemer wordt op staande voet ontslagen vanwege het ontvreemden van geld uit de kassa door middel van onterechte retouren. Zij verzet zich tegen het ontslag en stelt een loonvordering in. Haar bewering een verklaring onder druk te hebben afgelegd vindt geen gehoor bij de voorzieningenrechter. Ook dat de Officier van Justitie de zaak had geseponeerd, was geen reden om de loonvordering toe te kennen.

    Op 9 december wordt de werkneemster, een assistent filiaalmanager bij een drogisterijketen, door de districtsleider van haar werkgever geconfronteerd met de geconstateerde diefstal. Bij dit gesprek is ook een onderzoeker van een door de werkgever ingeschakeld recherchebureau aanwezig. Van het gesprek is een verklaring opgesteld die de werkneemster heeft ondertekend, evenals een 'verklaring uit vrije wil'. De werkneemster wordt vervolgens op staande voet ontslagen en de werkgever doet aangifte. Die strafzaak wordt later door de Officier van Justitie geseponeerd omdat er onvoldoende bewijs is. De werkneemster verweert zich direct tegen het ontslag op staande voet. Volgens haar is er geen dringende reden en ze stelt zich beschikbaar voor werkzaamheden. De werkgever blijft bij het ontslag. De werkneemster vordert bij de voorzieningenrechter betaling van het loon vanaf 9 december 2013 tot aan het moment waarop de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig zal zijn beëindigd. Zij stelt onder druk een verklaring te hebben afgelegd en betwist de beschuldigingen. Volgens de voorzieningenrechter zal de werkneemster zich in het gesprek met de districtsleider gezien de omstandigheden ongemakkelijk hebben gevoeld, zeker nu zij geconfronteerd werd met beschuldigingen terzake van diefstal. Van enige druk in dezen is volgens de voorzieningenrechter echter onvoldoende gebleken. Voorafgaand aan het gesprek is aangegeven dat de werkneemster niet tot antwoorden verplicht was en dat zij de verklaring geheel vrijwillig en zonder enige druk of verplichting kan en mag afleggen en ondertekenen. Door ondertekening van de 'verklaring uit vrije wil' heeft de werkneemster erkend dat dit is medegedeeld. Omdat geen nadere feiten en omstandigheden zijn gesteld waaruit blijkt dat de verklaring onder druk is afgelegd, is de voorzieningenrechter van oordeel dat de verklaring niet onder druk tot stand is gekomen en gaat de voorzieningenrechter uit van de juistheid van de afgelegde verklaring over de diefstal. Volgens de voorzieningenrechter leveren de in de verklaring genoemde handelingen een dringende reden voor ontslag op. Dat de officier van justitie heeft besloten om de zaak tegen de werkneemster te seponeren, doet daar niet aan af. In strafzaken gelden immers andere bewijsnormen dan in civiele zaken. Bron: Rb. Noord-Nederland 1-07-2014

  • Verwevenheid zakelijk en privé maakt ritten nog niet zakelijk


    Een journalist/columnist probeert vergeefs onder de bijtelling privégebruik uit te komen. Zijn stelling dat tussen privé en zakelijk bij hem geen scheidslijn is aan te brengen, waardoor alle ritten zakelijk zijn, vindt geen gehoor bij de rechter.

    Een journalist/columnist werkt voor een dagblad waarvoor hij dagelijks een column schrijft over algemene maatschappelijke onderwerpen. Over de jaren 2006 en 2007 krijgt hij een naheffingsaanslagen loonheffingen en zorgverzekeringswet in verband met het privégebruik van door de werkgever ter beschikking gestelde auto's. Voor de auto's is in de onderhavige jaren een 'verklaring geen privégebruik auto' afgegeven, waardoor er geen bijtelling heeft plaatsgevonden. De werknemer heeft over die jaren geen kilometeradministratie bijgehouden. Voor Rechtbank Noord-Holland voert de journalist/columnist aan dat alle ritten zakelijk zijn. Zijn columns hebben als onderwerp de samenleving in al haar facetten. Hij stelt dat hij iedere dag op zoek is naar onderwerpen voor zijn columns, en iedere rit - ook al gebeurt dat vaak niet - kan tot een column leiden. Er is volgens hem geen sprake van privégebruik van de auto omdat er geen scheidslijn is aan te brengen tussen privé en zakelijk. De rechtbank volgt hem niet in die stelling. In lijn met een arrest van de Hoge Raad uit 1997 is de rechtbank van oordeel dat ook bij verwevenheid niet iedere rit als zakelijk kan worden aangemerkt. Niet kan worden gezegd dat omdat elke rit - bijvoorbeeld een autorit naar een bakker om een brood te kopen - mogelijk materiaal voor een column kan opleveren, deze rit daarom als zakelijk moet worden aangemerkt. Een dergelijke rit dient in beginsel te worden aangemerkt als een privérit. Dit is slechts anders indien de columnist met een als zodanig aanwijsbaar vooropgesteld doel een column beoogt te schrijven en hiervoor een autorit aflegt. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel vindt bij de rechter geen gehoor. Het feit dat in voorgaande jaren de aangifte is gevolgd betekent nog niet dat er sprake is geweest van een standpuntbepaling door de inspecteur waaraan de belastingplichtige vertrouwen kon ontlenen. Ook zijn beroep op het gelijkheidsbeginsel - de journalist/columnist voert een voormalig burgemeester aan - bij wie bijtelling achterwege bleef. Hierover oordeelt de rechter dat voor zover die burgemeester het gestelde voordeel heeft genoten, er sprake is van een onjuiste wetsinterpretatie die niet kan leiden tot een geslaagd beroep op het gelijkheidsbeginsel. Bron: Rb. Noord-Holland 14-07-2014

  • Werktijdverkorting in verband met sancties


    Nederlandse bedrijven die direct zijn getroffen door de Russische sancties van EU-goederen en daardoor minder werk hebben, kunnen werktijdverkorting voor hun medewerkers aanvragen. Volgens het kabinet zijn de Russische maatregelen een buitengewone omstandigheid die niet tot het gewone ondernemersrisico kan worden gerekend. De bestaande regeling werktijdverkorting wordt per direct voor die ondernemingen opengezet.

    Onder andere groentetelers en transportbedrijven kunnen te kampen hebben met verminderde bedrijvigheid als gevolg van de sancties. Deze ondernemers kunnen voor werktijdverkorting in aanmerking komen. Hiervoor moeten ze wel aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo moet de werkvermindering tenminste 20% per week zijn en minimaal 2 en maximaal 24 weken duren. Wordt aan die voorwaarden voldaan, dan kan een bedrijf voor de betreffende werknemers een WW-uitkering krijgen voor de niet-gewerkte uren, vanaf de datum waarop de aanvraag is ontvangen. Aanvragen voor werktijdverkorting kunnen bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid worden ingediend. De maatregel maakt onderdeel uit van een breder pakket om de getroffen ondernemers te ondersteunen, dat door de bewindslieden van Economische Zaken naar de Tweede Kamer is gestuurd. Bron: Min SZW 15-08-2014

  • Autopoetsers in dienstbetrekking


    Een werkgever die werknemers niet in zijn loonadministratie opneemt en zwart laat werken loopt niet alleen het risico van een naheffingsaanslag met toepassing van het anoniementarief. Hij loopt ook tegen de zesmaandenfictie aan. Verondersteld wordt dat de betreffende werknemers in de zes maanden voorafgaand aan het constateren van de overtreding bij hem in dienst waren.

    In een autopoetsbedrijf (een VOF) is naast de beide vennoten, zo zou blijken uit de aangifte loonheffingen, in de tweede helft van 2009 nog een werknemer werkzaam. Op 2 februari 2010 kreeg de onderneming bezoek van de Belastingdienst en Arbeidsinspectie. De controleurs troffen drie personen aan die bezig waren met het reinigen van auto's. Nadat de controleurs hebben aangegeven waarvoor zij kwamen, rennen alle drie de personen weg uit het bedrijf. De inspecteur heeft naar aanleiding van de constateringen tijdens het bedrijfsbezoek naheffingsaanslagen en vergrijpboetes opgelegd over de tijdvakken 2 augustus 2009 tot en met 31 december 2009 en 1 januari 2010 tot en met 2 februari 2010. Daarbij is hij er vanuit gegaan dat alle drie de personen in dienstbetrekking tot de VOF stonden en de drie het netto minimumloon hebben genoten. Tevens is de zesmaandenfictie (art. 30a Wet LB 1964) toegepast. Voor zes maanden kwam de inspecteur op een loon voor de drie werknemers van € 23.850 waarover het gebruteerde anoniementarief is geheven. De werkgever betwist dat de drie bij hem in dienstbetrekking stonden en bestrijd de opgelegde naheffingsaanslagen met toepassing van het anoniementarief. Na eerder door Rechtbank Den Haag in het ongelijk te zijn gesteld, stapt hij naar Hof Den Haag. Maar ook het hof kan uit de feiten niets anders opmaken dan dat de drie personen in dienstbetrekking staan tot de VOF. Gebleken is dat zijn vennoot leiding en instructies gaf over welke auto's moesten worden gereinigd. Daarnaast bleek dat de ondernemer de drie ook uitbetaalde en zij konden niet zonder zijn toestemming wegblijven. Uit niets bleek volgens het hof dat er sprake kon zijn van een overeenkomst van opdracht. Omdat van de drie geen identiteitsgegevens in de loonadministratie zijn gevonden en tevens geen loonbelastingverklaringen zijn opgenomen, en de ondernemer ook niet aannemelijk heeft gemaakt dat de drie personen niet tenminste in de zes maanden voorafgaand aan 2 februari 2010 tot de VOF in dienstbetrekking hebben gestaan, kon de inspecteur volgens het hof terecht het anoniementarief toepassen. Nu de gegevens van de personen en de hoogte van het loon niet zijn na te gaan in de loonadministratie is toepassing van het gebruteerde tabeltarief mogelijk. Ook zijn in hoger beroep geen nieuwe punten naar voren gebracht die tot een ander oordeel leiden dan dat van voorwaardelijke opzet sprake is doordat de ondernemer heeft nagelaten een deugdelijke loonadministratie te voeren. Wel worden de naheffingsaanslagen en boeten verminderd: twee van de drie worden als vreemdeling aangemerkt en kunnen hierdoor niet als werknemer voor de werknemersverzekeringen worden aangemerkt, tenzij het tegendeel kan worden aangetoond. Overigens liep deze ondernemer niet alleen tegen een naheffingsaanslag op. Ook is door de Arbeidsinspectie een Boeterapport Wet arbeid vreemdelingen opgemaakt. Bron: Hof Den Haag 12-02-2014

  • Geen extra aanmaning nodig voor innen incassokosten


    Voor het kunnen innen van incassokosten, hoeft een schuldeiser na de zogenoemde 'veertiendagenbrief' geen extra aanmaning te sturen. Dit volgt uit een arrest van de Hoge Raad in juni 2014. Eind vorig jaar adviseerde een landelijk overleg van rechters juist nog wel om deze extra aanmaning verplicht te stellen.

    In geval van rekeningen waarvoor de afgesproken termijn is vervallen, kan een schuldeiser een zogenoemde veertiendagenbrief sturen. Die brief wordt zo genoemd vanwege de daarin voorkomende zinsnede 'Als u binnen veertien dagen niet betaalt, brengen wij ook de incassokosten in rekening'. De schuldeiser maakt vanaf dat moment kosten voor de incasso. Binnen de rechtspraak speelde de vraag of het voldoende is om twee weken vooraf een aanmaning te sturen voor het in rekening kunnen brengen van deze kosten? Volgens een landelijk overleg van rechters eind vorig jaar uitgebracht adviesrapport zou de consument of huurder recht hebben op een extra aanmaning. Die zou nog verstuurd moeten worden na de zogeheten veertiendagenbrief. Vanaf november 2013 is die richtlijn door rechters toegepast. In een recent arrest heeft de Hoge Raad echter geoordeeld dat deze extra aanmaning niet verplicht is. De schuldeiser hoeft niet 'nog nadere incassohandelingen te verrichten', stelt de Hoge Raad. Het landelijk overleg van rechters voert naar aanleiding van dit arrest een aanpassing door in de tekst van zijn adviesrapport. Bron: Rechtspraak.nl 14-08-2014

 

over ons

wij
begrijpen cijfers,
al ruim 25 jaar

Administratiekantoor Van Helden wil mensen helpen, door hen financieel inzicht en overzicht te bieden. Dat doen we door praktische overzichten te maken en door het administratieve proces zo efficiënt mogelijk in te richten. Maar ook door onze klanten persoonlijk te benaderen.
Onze producten en diensten sluiten daarop aan. Ons fonds steunt goede doelen en projecten die Utrecht een warm hart toedragen, zowel op sociaal als maatschappelijk gebied.

Onze visie
Van Helden bestaat al meer dan 25 jaar; een begrip in Utrecht en omgeving. Oprichter meneer Van Helden nam de tijd voor zijn klanten, zodat ze op maat advies kregen en inzicht en overzicht in hun eigen financiën. Dat is nog steeds de basis van ons bedrijf.

Wij zijn ‘de nieuwe helden’ van uw financiën. Wij hebben de overtuiging dat administratieve processen steeds makkelijker kunnen. Dat u gedeelten ook prima digitaal kunt aanleveren en daardoor ook steeds meer zelf inzicht krijgt in het proces en overzicht van uw financiën. Dat helpt u en uw bedrijf om betere strategische beslissingen te nemen.

We luisteren naar u, we denken met u mee en we zijn via diverse kanalen bereikbaar.

  • Menno den Oude


    Directeur Van Helden BV
    Voorzitter Van Helden fonds

    STUUR E-MAIL >

    “ Het administratieproces is maar een proces. Dat moet zo makkelijk en efficiënt mogelijk. Cijfers in een overzicht gaan pas echt leven. Dan zie je ondernemers opbloeien als ik het gesprek met ze aanga. Daar doe ik het voor.”
  • Jan Willem Brouwer


    Belastingadviseur
    gespecialiseerd in het kleinbedrijf
    (van ZZP-ers tot en met BV’s met holdingstructuren)

    STUUR E-MAIL >

    “Als ervaren adviseur help ik met veel plezier ondernemers en oud-ondernemers met hun jaarcijfers en belastingzaken. Diverse bedrijven heb ik in de loop der tijd zien opbloeien. Ik streef ernaar de klant hierbij bedrijfsmatig en fiscaal te begeleiden zonder de indruk te wekken op de ondernemersstoel plaats te nemen. Uiteindelijk blijft het een advies.”
  • Luc Limburg


    Administratieconsulent
    voornamelijk werkzaam bij cliënten op locatie om aldaar boekhoudingen te verzorgen

    STUUR E-MAIL >

    “Graag werk ik op locatie bij klanten omdat ik het liefst dicht bij de klant sta om zo goed mogelijk invulling te geven aan de opdracht. Ik werk vooral voor fondsenwervende instellingen en vermogensfondsen.”
  • Ilona Pieneman


    Secretarieel en administratief medewerker

    “Ik ben ooit als stagiaire begonnen en het beviel me hier zo, dat ik nooit meer ben weggegaan. Ik ga graag mee met de huidige ict-vernieuwingen. Zo heb ik een online dossier voor diverse relaties ingericht, zodat ze altijd hun laatste loonstrookjes en loonaangiften kunnen downloaden.”
 

diensten

wat wij voor u kunnen betekenen

We gaan ervoor om uw boekhouding, loonadministratie, jaarcijfers, fiscale aangiften deskundig en zo efficiënt mogelijk voor u te verzorgen tegen een aantrekkelijke prijs. Ondernemen is al duur genoeg.
Doet u een deel van uw boekhouding zelf? Dan helpen we u graag met onderdelen, zoals de jaarrekening en coachen we u als u tegen problemen aanloopt of vragen hebt.

boekhouding

jaarcijfers

salaris- administratie

aangiften

fiscaal advies

boekhouding;


We werken met Exact Online. U dient uw nota’s makkelijk digitaal in en ze worden automatisch verwerkt in een handig overzicht: de balans en de winst- en verliesrekening. Op elk moment heeft u online inzage in uw boekhouding. Heeft u daarover vragen? Dan nemen wij graag de cijfers met u door.

jaarcijfers;


Als u door ons de complete boekhouding laat verzorgen, dan stellen wij ook de jaarstukken op. Deze jaarstukken zijn weer de basis voor de belastingaangifte die we voor u doen en we leveren de stukken ook aan bij de Kamer van Koophandel. Hierbij zetten wij de automatisering optimaal in om zo efficiënt mogelijk te werken.

Doet u de administratie zelf? Dan vatten wij uw boekhouding samen, we rubriceren en analyseren de cijfers en verzorgen een overzichtelijke rapportage voor u.

salarisadministratie;


We voorzien uw personeel tijdig van loonstroken, we rekenen u de gevolgen van nieuw personeel voor, zodat u de werkgeverslasten en de loonbelastingaangiften kunt inschatten.
Dit proces gaat grotendeels digitaal via uw persoonlijke, digitale omgeving.

aangiften;


Van Helden doet de aangiften voor de omzetbelasting meestal per kwartaal, de aangifte loonbelasting maandelijks en de inkomstenbelasting jaarlijks. Voor een BV doen we jaarlijks de aangifte voor de vennootschapsbelasting.
Ons uitgangspunt is, dat belasting betalen nodig is om gemeenschappelijk kosten te delen, maar dan willen we wel graag dat dat op een eerlijke manier gebeurt en verdeeld wordt.
Wij zullen de fiscale ruimte die er is, dan ook benutten en zo nodig met de belastingdienst de discussie aangaan als er onterecht wordt afgeweken van onze aangifte.

fiscaal advies;


Ondernemers kunnen bij ons ook terecht voor fiscaal advies, daarvoor is het niet nodig dat wij ook uw boekhouding of jaarstukken verzorgen. Wij zien het als onze taak om u zo goed mogelijk te adviseren als we bij uw boekhouding fiscale aspecten tegenkomen.

Mocht u fiscale vragen hebben, dan beantwoorden we die graag. Binnenkort kunt u kiezen uit verschillende abonnementsvormen wat betreft fiscaal advies en fiscale begeleiding.

 

van helden fonds

Van Helden fonds: wat wij teruggeven

 

vraag & antwoord

wat is uw vraag?

1

hoe gaat Van Helden in de praktijk te werk?

We maken met u een afspraak bij ons op kantoor of bij u. We hechten eraan dat er een klik is tussen adviseur en klant. Zijn we het eens over het werk en de kosten? Dan maken we vervolgafspraken over oa. de frequentie van rapportages en deadlines van de belastingen.

2

waar kan ik inloggen om mijn cijfers in te voeren?

Dat kan hier: Exact Online

Let op:
U bent altijd zelf verantwoordelijk voor de belastingaangifte. Ook als deze door uw boekhouder is verzorgd en daarin fouten zijn gemaakt.

3

wie is er aansprakelijk voor de aangifte?

Het is onze taak de aangifte deskundig en zorgvuldig te behandelen.
De klant blijft altijd inhoudelijk verantwoordelijk voor zijn of haar belastingaangifte.

4

wat kan ik zelf aan de administratie doen?

U kunt uw hele administratie zelf doen in een eigen boekhoudpakket en ook gebruik maken van Exact Online. Daar kunt u ook facturen aanmaken die direct in de boekhouding worden gezet. Dat bespaart u invoerkosten.

5

met welke boekhoud- pakketten werken jullie?

We werken met King en Exact Online. Daar werken we al heel lang mee. Dit is een degelijk pakket waarop de boekhouding op professionele wijze kan worden gevoerd. Het werkt snel, geeft goed overzicht en financieel inzicht.

6

werkt Van Helden ook samen met derden?

Ons kantoor werkt samen met kleine en grote accountantsbureaus waar het gaat om accountantsverklaringen of complexere fiscale vraagstukken.

7

wat kost het om jullie in te huren?

* Kleine administratie inclusief aangifte btw: vanaf € 50 pm
* Loonadministratie: vanaf € 20 pm
* Jaarrekening of jaarstukken belastingdienst: vanaf € 500 pj
* Belastingaangifte ondernemer: vanaf € 175

8

zijn er minder kosten bij meer diensten?

Bij een combinatie van onze diensten kunnen we efficiënter werken, zodat onze totaalprijs vanaf € 100 per maand kan worden aangeboden.
Dat hangt vooral af van de hoeveelheid en aard van de mutaties in de boekhouding.

9

wanneer moeten mijn aangiften zijn ingediend?

De maand na elk kwartaal moet de aangifte omzetbelasting zijn ingediend en betaald, uiterlijk voor 1 april. Aangiften vennootschapsbelasting uiterlijk voor 1 juni het jaar erop. Als belastingconsulent hebben we de mogelijkheid om gespreid de aangiftes in te dienen.

10

..of
stel
zelf een
vraag

 
 

contact

u vindt ons in utrecht

 

Van Helden B.V.
Othellodreef 45
3561 GS Utrecht

030 262 56 90
info@vanheldenbv.nl

volg ons:

contactformulier

nieuwsbrief ontvangen?

download algemene voorwaarden © van Helden b.v. 2014